Algemeen
Handel en export
Vennootschapsrecht
Fusies en overnames
Herstructurering & insolventierecht
Arbeidsrecht in Duitsland
Vastgoed in Duitsland
Credit managementGoogle neemt Duitse kortingssite DailyDeal over (21-09-2011)
Google heeft de succesvolle Duitse kortingssite DailyDeal over genomen. De koopprijs ligt volgens informatie uit de branche tussen 150 en 200 miljoen euro. DailyDeal werd pas twee jaar geleden opgericht. Eind vorig jaar had Google tevergeefs geprobeerd om de Amerikaanse marktleider Groupon over te nemen. Net als Groupon richt DailyDeal zich op de verkoop van kortingbonnen met groepskorting voor bezoeken aan restaurants, wellness- en sportaanbiedingen, gecombineerd met een tegoedbon voor belevenis-shopping.
Bij vragen over fusies en overnames in Duitsland kunt u contact opnemen met Andreas Lutze.
Nederlandse fietsfabrikanten rivaliseren om Duitse marktleider (21-09-2011)
De markt voor electrische fietsen boomt ook in Duitsland. Marktleider is de grootste Duitse fietsfabrikant Derby Cycle. Twee Nederlandse concurrenten strijden nu blijkbaar om deze fietsfabrikant. De Nederlandse fietsenfabrikant Accell Group N.V. heeft pas haar minderheidsbelang in Derby Cycle uitgebreid naar 22 procent. Derby Cycle vreest thans een vijandige overname en probeert dit door middel van een strategische samenwerking met een andere Nederlandse onderneming te voorkomen. Volgens een bericht in de Financial Times Duitsland gaat het daarbij om de Nederlandse onderneming Pon, waartoe ook Gazelle behoort. Pon is blijkbaar een overname bod op de grootste Duitse fietsfabrikant aan het voorbereiden. Geen van beide partijen wilde commentaar geven op de berichtgeving
Bij vragen over fusies en overnames kunt u zicht richten tot Andreas Lutze.
Is de saneringsclausule in de Duitse vennootschapsbelastingwet wel echt in strijd met het Europese recht? (31-08-2011)
Op het gebied van fusies en overnames - een van de speerpunten van onze adviespraktijk - krijgen wij regelmatig de vraag voorgelegd, of het mogelijk is om de fiscale verliezen van een GmbH uit de voorgaande jaren bij een aandeelhouderswisseling met winsten te kunnen verrekenen. In bepaalde gevallen verbiedt de Duitse wet de geheel of gedeeltelijke verrekening van eerdere verliezen (zie § 8c lid 1 KStG). Zo kunnen de verliezen bij een overdracht van 25 % tot 50% van de aandelen GmbH slechts proportioneel verrekend worden en bij een overdracht van meer dan 50% zelfs helemaal niet verrekend worden. Een uitzondering hierop vormt de zogenaamde saneringsclausule conform § 8c lid 1a KStG, waarin geregeld is dat een verrekening van verliezen uit voorgaande jaren mogelijk is wanneer de verkrijging van de deelname in een noodlijdend bedrijf met het oogmerk geschiedt het bedrijf te saneren.
De Europese Commissie ziet in de saneringsclausule echter een vorm van staatssteun, die niet verenigbaar is met het Europese recht. Op basis van een besluit van de Commissie van 26 januari 2011 mag de Duitse belastingdienst de saneringsclause in principe niet meer toepassen - ondanks het door de Bondsregering aanhangig gemaakte verzoek om nietigverklaring bij het Gerecht van de Europese Unie.
Per besluit van 1 augustus j.l. heeft het Finanzgericht Münster in een geschil de volstrekking van belastingaanslagen opgeschort, waarin de belastingdienst met een verwijzing naar artikel 8c lid 1 KStG geen rekening meer had gehouden met verliezen, hoewel het buiten kijf stond dat aan de voorwaarden van de saneringsclausule was voldaan (zie uitspraak FG Münster van 1 augustus 2011, 9 V 357/11 K, G). Ter argumentatie voert het Finanzgericht Münster aan ernstige twijfels te hebben of de saneringsclausule van artikel 8c lid 1a KStG wel echt - zoals de Europese Commissie beweert - als ontoelaatbare steun te betrachten is. Niet alleen het Europese Gerechtshof, maar ook de nationale rechtbanken zijn in een dergelijke situatie gemachtigd voorlopige rechtsbescherming te bieden, aldus het Finanzgericht Münster. In verband met de fundamentele betekenis van de zaak, heeft het Finanzgericht Münster het bezwaarschrift doorverwezen naar de Duitse Hoge Raad voor fiscale zaken (Bundesfinanzhof).
Bij vragen over fusies en overnames kunt u zich richten tot Andreas Lutze
Bedrijfsovergang bij het continueren van een onderdeel van een onderneming (14-04-2011)
Wij adviseren regelmatig Nederlandse bedrijven bij de overname van Duitse ondernemingen. Vaak kiezen onze clienten voor een overname in de vorm van een activa passiva transactie, oftewel 'asset deal'. Er moet dan echter wel in het oog worden gehouden dat een asset deal een zogenaamde 'bedrijfsovergang' tot gevolg kan hebben (zie art. 613a BGB). Dit heeft als consequentie dat de koper van rechtswege ook alle op dat tijdstip bestaande rechten en plichten uit arbeidsovereenkomsten van de aldaar werkzame werknemers overneemt. De Nederlandse wet kent een vergelijkbare regeling in art. 7:663 BW. De wettelijke bepalingen met betrekking tot bedrijfsovergang zijn volgens het Duitse recht ook van toepassing wanneer niet het gehele bedrijf, maar slechts een onderdeel van de onderneming wordt overgenomen. Volgens een actuele uitspraak van het Bundesarbeitsgericht is voor de overgang van een arbeidsverhouding vereist dat het overgenomen onderdeel van de onderneming reeds bij de verkoper van de onderneming een entiteit heeft gevormd en deze entiteit door de koper met behoud van identiteit wordt voortgezet. Opdat een arbeidsverhouding op de koper overgaat, dient de werknemer bij de betreffende eenheid te zijn ondergebracht, aldus de rechtbank (zie BAG, uitspraak van 7 april 2011, dossiernr. 8 AZR 730/09).
Bij vragen over fusies en overnames kunt u contact opnemen met Andreas Lutze.
Opleving van de fusie en overnamemarkt in Duitsland (29-03-2011)
In het eerste kwartaal van 2011 waren Duitse ondernemingen voor een bedrag van 75 miljard dollar betrokken bij bedrijfsovernames. Deze som is al bijna net zo hoog als in het gehele jaar 2010. Volgens de bank JP Morgan is deze opwaartse trend vooral te danken aan de goede economische ontwikkelingen in Duitsland. Bovendien stelt JP Morgan vast dat overnames weer beter met hoge cashreserves van ondernemingen en middels leningen kunnen worden gefinancieerd.
Bij vragen over fusies en overnames kunt u graag contact opnemen met Andreas Lutze.
Notariële akte van een asset deal (06-01-2011)
Bedrijfsovernames vinden in principe plaats in de vorm van een share deal (aandelentransactie) of in de vorm van een asset deal (activa/passiva transactie). Een share deal is pas rechtsgelding, wanneer er van deze deal een notariële akte is opgemaakt. Voor een asset deal behoefde men volgens de tot dusver geldende praktijk geen notariële akte. Op grond van een uitspraak van het Oberlandesgericht Hamm (OLG Hamm, uitspraak van 26/03/2010, 19 U 145/09) verandert deze praktijk en wordt ook de opmaak van een notariële akte van een asset deal noodzakelijk. In haar motivering baseert het gerechtshof zich op artikel 311b lid 3 van het Duitse Burgelijk Wetboek. Dit artikel verplicht tot de opmaak van een notariële akte bij de overdracht van het gehele vermogen van een rechtspersoon. Deze wettelijke bepaling is naar de mening van het OLG Hamm ook van toepassing op het geval dat een GmbH haar geheel inventaris aan een derde verkoopt. Ten einde een later bezwaar van nietigheid van de gehele overeenkomst te voorkomen, dienen derhalve van nu af aan ook van dergelijke overeenkomsten notariële aktes te worden opgemaakt.
Bij vragen op het gebied van fusies en overnames in Duitsland kunt u zich richten aan Rechtsanwalt Andreas Lutze.
Aanspraken van werknemers bij bedrijfsovergang - Europees Gerechtshof (februari 2009)
Bij een asset deal dient altijd getoetst te worden of voldaan is aan de feitelijke vereisten van een bedrijfsovergang volgens § 613 a BGB en of daardoor de arbeidsbetrekkingen van rechtswege overgaan op de koper. Voorwaarde hiervoor is, dat een onderneming of een onderdeel van een onderneming bij rechtshandeling overgaat op een andere eigenaar en in wezen ongewijzigd en met behoud van de identiteit wordt voortgezet.
Het Bundesarbeitsgericht heeft tot dusver aangenomen dat er, in het bijzonder bij de overgang van onderdelen van een onderneming, geen sprake is van het behoud van de identiteit, indien de koper het bedrijfsonderdeel volledig opneemt in de eigen organisatorische structuur, of wanneer de werkzaamheden in een duidelijk grotere organisatorische structuur worden uitgevoerd, zodat daardoor de oorspronkelijke identiteit van de economische eenheid teloor gaat.
Het Europees Gerechtshof heeft recentelijk opnieuw de rechtspraak van het Bundesarbeitsgericht met betrekking tot het thema bedrijfsovergang onder de loep genomen en is daarbij, zoals in het verleden reeds vaker het geval is geweest, tot een afwijkend oordeel gekomen:
Het Europees Gerechtshof heeft zich in het arrest (C-466/07) van 12 februari 2009 op basis van een prejudicieel verzoek van het Landesarbeitsgericht Düsseldorf uitgelaten over de vraag, of er enkel dan sprake is van een overgang van een onderdeel van een onderneming in de zin van richtlijn 2001/23/EG, indien het betreffende onderdeel van de onderneming door de koper als organisatorisch zelfstandig onderdeel van een onderneming of vestiging wordt voortzet. De richtlijn bepaalt dat er sprake is van een bedrijfsovergang wanneer de identiteit van de economische eenheid behouden blijft. In het onderhavige geval werd het opgenomen onderdeel van de onderneming door het nieuwe moederconcern geherstructureerd en afzonderlijke elementen van het onderdeel werden afgesplitst. Door deze herstructurering verviel de arbeidsplaats van een afdelingshoofd. Deze is naar de rechter gestapt met de eis te worden overgenomen door het nieuwe moederconcern op dezelfde positie die hij tot de overname had bekleed. De richtlijn en het betreffende artikel § 613 a lid 1 eerste zin BGB bepalen, dat bij een bedrijfsovergang bestaande arbeidsbetrekkingen overgaan op de koper van de onderneming. De gedaagde werkgever uit de onderhavige rechtszaak betoogde echter dat de verworven productiefactoren uit de overgenomen onderneming in een geheel nieuwe structuur zijn geïntegreerd, waardoor de overgenomen takken een geheel nieuwe identiteit hebben verkregen.
Deze mening deelde het Europees Gerechtshof niet, omdat op deze wijze, door de integratie van de overgenomen onderneming in de eigen ondernemingsstructuur, de bescherming van de werknemer door de Europese richtlijn eenvoudig omzeild zou kunnen worden. Veeleer dient de voorwaarde uitgelegd te worden in die zin dat 'de functionele band tussen de verschillende overgegane productiefactoren wordt gehandhaafd en deze de verkrijger de mogelijkheid biedt om deze productiefactoren te gebruiken om dezelfde of een soortgelijke economische activiteit voor te zetten'.
Voor verdere vragen naar aanleiding van deze uitspraak of vragen rondom het thema bedrijfsovergang, staat Jochen Haukes u graag ter beschikking. Wilt u meer weten over de kenmerken van een asset deal, neem dan contact op met Andreas Lutze.